Archief‎ > ‎2018‎ > ‎

Grinta d’Italia

Geplaatst 1 jul. 2018 10:26 door Siep de Vries   [ 6 dec. 2018 14:00 bijgewerkt ]

Grinta's hebben iets met Italië. Allemaal gek op pasta, designerfietsen, koffie en groen, wit en rood. Toen iedereen dus laatst een beetje zat was van al die rondjes door Friesland, was het alternatieve fietstochtje snel uitgezocht. 

We gaan naar het land van de salami en de chocoladecroissant, waar de wegen zo steil zijn dat de fonejachtbrug waterpas lijkt te staan en spaghettislierten automatisch in haarspeldbochten draaien.. We gaan naar de Stelvio! 


Onze fietsglobetrotter Kees heeft nog wel wat routes liggen. 4 tochten voor 4 prachtige fietsdagen. Voor als je geen zin hebt om verder te lezen: Mijn teller is gestopt op 416 kilometer en dik 9000 hoogtemeters. Grinta d'Italia is een feit. 



Dag 1

Op dag 1 moet je natuurlijk niet te gek doen. Beetje wennen aan de hoogte enzo, want het hotel staat zelf ook al op 900 meter. Dus op de eerste dag maar even de buurt verkennen met een klein losfietsrondje van 130 kilometer en 2300 hoogtemeters. En met Nederlands miezerweer is de overstap naar het Italiaanse fietsen ook niet zo groot. We beginnen met een monsterachtig snelle afdaling direct vanaf het hotel, zodat de benen koud en de remmen lekker warm zijn. De Ofenpass is de eerste beklimming op het programma. Een lekker inkomklimmetje naar onze koffiestop op plusminus 2100 meter hoogte. 


Dus hier rechts en dan die berg op?


Op de top van de Ofenpass is het mistig. Waarschijnlijk zodat je de prijs van de apfelstrudel niet zo goed kunt lezen, want die prijs is net zoveel gestegen als de Ofenpass hoog is. Lekker taartje verder hoor. Ik heb uit onbetrouwbare bron vernomen dat de apfelstrudel elke dag vers uit het dal wordt geleverd door een afgerichte berggeit, die de taart zelf haalt bij de dorpsbakker. Maar de omstandigheden naar de top zijn bar, dus soms neemt zo'n geit wel eens de verkeerde afslag. 


In elk geval.. 230 euro lichter dalen de Grinta's weer af. Scheelt weer gewicht in de rest van de klimmen. 


Via wat glooiende paadjes komen we terecht bij de lunch. Oh ja.. wat nog wel goed is om te weten: dat hele gefiets is natuurlijk maar bijzaak. We zijn hier echt voor het eten. En om de kosten wat te drukken doen we dat op de fiets. De lunch doen we bij een kuuroord. Reinigt de innerlijke mens terwijl je er bij staat, dus je kunt rustig een handje chips extra nemen bij de lunch. Of wat zoute drop. 


Na de lunch maken we het rondje af via de Reschenpass met een stevig briesje op kop, waarna de pasta en het vijfgangen diner al klaar staan. 




Dus jij hebt heilig water in je bidon?

Bergbrandstof

Als een haarspeldbocht niet meer op een berg past, dan leggen ze ‘m er gewoon naast.



Dag 2

Op dag 2 rijden we de Stelvio op. En weer af. Even door Zwitserland en weer terug naar het hotel. Dat is de verkorte samenvatting. 


We zijn nog maar net op pad als een carabinieri met een grote fluit de Grinta's tot stoppen maant. Wij zijn de mindere goden en we moeten even wat echte wielrenners voor laten gaan. Vandaag is er namelijk ook een cyclo op de Stelvio. De haute route komt langs en het is net of we ineens in de giro terechtkomen. Fouragepunten, materiaalwagens, volgmotoren, er staat van alles langs de kant en er scheurt van alles voorbij. Oh, en ook fietsers, want ze rijden behoorlijk hard de berg op. 


Zelf verteer ik de klim van de Stelvio vandaag niet zo goed. Het begint wel lekker, maar het weer is niet super. Halverwege de berg rijden we letterlijk een regenwolk in, waardoor het echt retekoud wordt. Langzaam zie ik de snelheid steeds verder zakken en eigenlijk maakt het me nog niks uit ook, zolang ik maar op de top van die scheitberg kom. Het zicht neemt steeds verder af, de bril trekt dicht en koud en doorweekt kruip ik door de regenwolk in drie graden het laatste stuk op de tast de berg op. Zolang ik tussen de bergwand en het muurtje blijf, kom ik uiteindelijk wel op de top, toch? Blij dat ik boven ben stort ik me op het volgbusje om wat warmere kleren aan te trekken. Als het goed is moet je hier de beroemde haarspeldbochten kunnen zien liggen, maar het is allemaal één grijze massa. Het bergrestaurant wordt compleet geplunderd door de Grinta's die allemaal wel wat warms kunnen gebruiken. 


Scheitberg

Ja, echt


Stelviokoffie

Tussen de grote sneeuwhopen door, beginnen we aan een ijskoude afdaling van de Stelvio. Via de Umbrailpas roetsjen we in no time naar Zwitserland. Het weer knapt met elke meter op en tegen het eind van de rit rijden we in de volle zon. Da's toch een stuk prettiger hoor.


Na het stoempen op de pedalen even een rondje om het meer lopen werkt prima op de benen. Maar ook de darmen... Er is in elk geval weer genoeg ruimte voor het avondeten. En dat eten is wel dikke prima. Eigenlijk is alles hier in Italië wel lekker, maar die toetjes... Bellissima! Het is dat je in een restaurant zit, maar anders zou je het kommetje uitlikken. 



Dag 3

De rustdag is natuurlijk ideaal om even de conditie van de fiets te testen. De koninginnerit is tenslotte om de hoek! En die test is maar goed ook. We zijn nog maar net op weg als het stuur van een van de Grinta's linksaf gaat, maar de fiets rechtdoor. 

Oeps.. dus daar zijn die boutjes op de stuurpen voor bedoeld. 


Terwijl wij als groepsactiviteit het stuur weer vastdraaien zijn twee andere Grinta's op weg naar de Stelvio. Zij nemen het 'het is rustdag, dus niet fietsen' heel letterlijk. Maar de berg roept, dus dan kom je even langs. De weg naar de top is maar een dikke 20 kilometer, dus dat is prima te lopen. En omdat we 's middags nog andere plannen hebben (pasta), moeten we natuurlijk wel een beetje opschieten. 


Mensen die hardlopend naar de top gaan, daar zijn zelfs de Italianen niet aan gewend. De vaste Stelvio fotograaf onderweg naar de top is dan ook zo onder de indruk dat ze de foto's gratis krijgen.





Ondertussen zijn de rustende fietsers in gevecht met een smal maar smerig steil fietspaadje op de flank van een berg. 16 procent stijging is ideaal om wat bij uit te rusten tenslotte. Het weggetje is net zo breed als onze volgbus, dus we zijn nu even op onszelf aangewezen. Maar als we op de top zijn aangekomen, komt ineens Bonne toch de bocht om brommen. 'Hallo! Ik moest hier toch zijn, iemand water?' Een toevallig passerende Nederlandse groep fietsers werpt licht jaloerse blikken naar onze perfecte fourage. 



Hallo! Iemand water?



Met de voorraden weer aangevuld is het weer tijd om af te dalen, zo het terras op! De complete voorraad Apfelstrudel wordt weer opgekocht en de serveerster is licht in paniek als blijkt dat zelfs de complete voorraad niet genoeg is. Geen probleem! Dan halen we toch even wat extra bij de bakker? Regelen we gewoon.


Terwijl wij de complete voorraad soldaat maken, passeert de groep Nederlandse fietsers weer met jaloerse blikken naar onze superverse stack appeltaart. Ja, rustdag blijft rustdag hoor. 


Rijdend over een mooi fietspaadje langs de marmerfabriek is het tijd voor het laatste deel van de rustdag. En een rustdag sluit je natuurlijk af met nog een krakende klim over een smal paadje richting een kasteeltje. Het had eigenlijk al verdacht moeten zijn dat je alleen maar fietsers zag afdalen op het fietspad. Maar na een paar kilometer omhoog fietsen is wel duidelijk waarom dat zo is en zit je het 'prachtige fietspaadje' redelijk stijf te vloeken. Al die steile paadjes en plotselinge hoogteverschillen zorgen alleen ook voor wat valse lucht en dat trekt Afrikaanse blafkrekels aan. Vooral bij de laatste korte colastop voor de finish breekt het concert los en worden ze overal gehoord. 


Wat de *piep* was dat?!


Officieel gaat de route nog een stukje verder, maar iedereen is wel een beetje klaar met de rustdagroute en laat de tweede lus maar zitten. Alleen fietsglobetrotter Kees waagt het er nog op en trotseert nog een grintapadklim met slippend achterwiel. 



Dag 4

Dag 4, ook wel bekend als de koninginnerit (en mijn duizendste activiteit sinds het begin der metingen). Een dikke 130 kilometer, 3500 hoogtemeters en drie bergpassen. Het is 's ochtends even uitpluizen hoe we deze dag gaan overleven. Maar de simpelste aanpak is gewoon fietsen. 


Dus... Koninginnerit...


We vertrekken eerst met de busjes naar de voet van de Umbrailpas waar we de achterkant van de Stelvio op gaan fietsen. Vandaag is het gelukkig wel lekker weer en dat maakt de klim gelijk een stuk beter te verdragen. En wat ook wel leuk is, is dat je nu ook ziet waar je fietst. Best nog wel een mooie berg die Stelvio, en de klim is ook wel goed te doen. Waar ik op dag 2 in de afdaling nog dacht dat je wel een gaatje in je hoofd moet hebben als je deze kant op fietst, valt het eigenlijk genoeg mee. 


In ijle lucht zetten blikjes op


Op de top gooien we er snel even een colaatje in. We scheuren de afdaling naar beneden, tegen een cyclo in die vandaag de berg aan het beklimmen. Door de tunnels heen roetsjen we het dorpje aan de voet in, waar plotseling Kees de fietsglobetrotter naast een kerkje op een terras zit. Ah, blijkbaar is dit de koffiestop. 


Zo langzamerhand is er waarschijnlijk in de wijde omgeving rond de Stelvio de taartvoorraad compleet uitgedroogd, want weer plunderen we het complete cafe en moeten ze noodgedwongen overstappen op ijs. Wat overigens geen klachten oplevert. Zelfs de lokale pantanifan die rustig met een saffie aan zijn koffie zit te nippen vindt het wel prima. 


Sterke koffie


Zure taart


De Foscagno is de volgende klim die op het programma staat. Alles draait nog soepel en de weg loopt lekker geleidelijk. Niet retesteil, maar je voelt wel wat druk op de benen. Ideaal. De weg naar de top is wel langer dan je verwacht, maar loopt ook nu weer langs prachtige uitzichten. Na een lange tunnel komt de top in zicht, waar we niet lang wachten, want we moeten nog een eind. Een kleine afdaling volgt, gevolgd door een korte maar best venijnige klim langs wat skipistes. Hierna volgt een lange afdaling.


In de waaier scheuren we door de vallei op weg naar de laatste klim als er plotseling in de remmen wordt geknepen. Op een bankje bij het meer blijkt Kees de fietsglobetrotter ineens weer te zitten. Ah, de lunch! Er wordt koffie geregeld bij een restaurantje en uit de koelbox worden verse wraps getoverd, zodat we de laatste berg ook nog over komen.




Maar eerst moeten we nog even door de tunnel. Deze tunnel is onfietsbaar en je moet er met een speciaal fietsbusje doorheen. Met samengeknepen billen zien we hoe de buschauffeur nonchalant alle racefietsen op een fietskarretje knikkert, waardoor hij de waarde van het karretje verhoogt tot ruim boven de waarde van het busje. 


Voordat we de tunnel in duiken moeten we nog even wachten op groen licht. De buschauffeur wordt al iets eerder langzaam groen en schuift de deur van de bus open voor frisse lucht. 'Twee minuten zwemmen en dan vertrekken we', waarmee ie een kleine hint geeft over de oorzaak van de luchtkwaliteit in de bus. 


Adembenemend uitzicht?


In de tunnel overleggen we even over de laatste beklimming van de dag. De Ofenpass moeten we nog over en dan zijn we alweer klaar. Aldus fietsglobetrotter Kees: 'Alleen de laatste kilometer is wat zwaarder, de rest is prima te doen'. Wat ie er alleen niet bij vertelt is dat ook dit weer een klim is die ruim boven de 2000 meter uitstijgt. En zoals iedereen weet: dat staat garant voor een mooi uitzicht. Nu we het meeste toch al achter de kiezen hebben, doet niemand nog echt moeilijk over die laatste klim en gaan we er nog even goed voor zitten. 


Het meeste is inderdaad goed te doen, maar het laatste stukje voel je wel een beetje in de benen, zo na al het berggeweld van de laatste dagen. De laatste afdaling laadt de benen weer op en als we bij de start van de rit aankomen is iedereen weer zo fris dat we spontaan besluiten om ook maar terug te fietsen naar het hotel. Dat uurtje klimmen maakt op zo'n dag ook niks meer uit, nietwaar?


's avonds sluiten we het fietsfeestje af met een zesgangendiner. Iedereen was na een kleine week wel een beetje klaar met al die pasta. Grinta d'Italia is geslaagd en voor herhaling vatbaar. Moeten we vaker doen, zo'n fietsweekje in de Italiaanse heuvels.