Archief‎ > ‎

2015

No shit

Geplaatst 14 dec. 2015 10:36 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:47 bijgewerkt ]

*bok, PLONS!*. 

Huh? Wat gebeurde daar nou? Volgens mij zit ik niet meer  op mijn fiets.. Wacht eens..  GAAADVERDAMME, wat meurt hier zo?!
Oh, dat ben ik.. Dit is volgens mij geen waterplas, maar het openbaar toilet van de volledige Beetsterzwaagse reeënpopulatie. Het enige wat nog mist is de toiletjuf en het schaaltje waar je een kwartje op kan mikken, maar voor de rest klopt het precies. De geur, de kleur en de smeuïgheid van de substantie lijken echt precies op.. Juist ja. 

Liggend op de grond (hopelijk) kom ik als een ware Columbo tot mijn eindconclusie. Hmm.. Blijkbaar ben ik zonet met mijn stuur achter een boompje blijven haken en met een mooie zwier zo in deze eenzame blubberpoel belandt. No shit, Sherlock... Nou ja, als je dan toch valt, dan moet je natuurlijk wel een zachte plek uitzoeken om te landen. 

Ter plekke heb ik wel even in een halve seconde het nationale pietenprobleem opgelost: links ben ik nu wit, en rechts ben ik zwart. Soms zijn dingen zo simpel. Terwijl ik mijn knie en mijn handschoen wat dieper in de drek duw om onder de fiets vandaan te komen (de harde grond zit echt DIEP), hoor ik achter mij een licht bezorgd: 'Gaat het?', waar ik eigenlijk een bulderend gelach had verwacht. 

Geen zorgen, niks aan het handje hoor, maar ik zou wel wat afstand houden als ik jullie was.  En kijk uit voor dat boompje. 

Ja, wil je graag één zijn met de natuur, ga dan mountainb.. Pardon, All Terrain biken. Je komt echt overal terecht!



(D)uurtraining

Geplaatst 1 dec. 2015 13:35 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:41 bijgewerkt ]

Ja, vorige week was het ineens anders. Normaal zegt de spinningtrainer altijd: 'volgende week: zelfde tijd, zelfde plaats, tikkeltje zwaarder', maar vorige week zei hij ineens: 'Jongens, volgende week even geen sprintjes en andere ongein, maar we gaan een duurtraining doen. Kun je mooi even zien waar je staat!'

Nu ben ik zelf een gepokt en gemazelde spinningveteraan met ruim dertien jaar ervaring, dus ik heb de nodige namaakkilometers al weggetrapt. Mij maak je de pis niet meer zomaar lauw. Een duurtraininkje doe ik met twee vingers in de neus. Beetje kilometers trappen, genieten van de omgeving en de frisse lucht enzo. Gewoon ff lekker fietsen zeg maar. 

De les begint. 'Ja, zet 'm maar zwaar. Nee, nog een beetje zwaarder. Ja nee, nog wat. Jaaa, dit begint er op te lijken. Goed, ga er maar voor zitten, dit gaan we een uur doen. Saai hè.' En heel even zie je een duivelse glimlach over het gezicht van de trainer strijken. 

Euhh.. duurtraining? Er wordt hier gewoon even een virtuele Galibier voor onze voeten neergeplant! Ineens snap ik wat er wordt bedoeld met een duurtraining. Het is niet een 'ga maar lekker flierefluiten en geniet van het mooie weer' spinning training, maar we gaan even kijken hoe lang het duurt voor je van je fiets mietert!

Nou ja, nu die berg er toch licht, kunnen we 'm net zo goed opfietsen. Afwisselend staand en zittend beklimmen we in een vaste cadans de berg. En dat pokkeding wordt elke paar minuten een tikkie zwaarder. Maar dan echt van dat valse plat he, je ziet het eigenlijk niet. En waar je op een Alpe d'Huez in de bochten even bij kunt komen, zit dat er hier niet in. Je kunt aan dat stuur sjorren wat je wilt, maar je komt maar bar weinig bochten tegen op een spinningfiets. 

Na een uur, precies op het moment dat de (zwarte) sneeuwgrens in zicht komt, komt het verlossende woord. 'We zijn er bijna en dan gaan we twee minuten afdalen!' Yess, we zijn op de top! Met benen die bijna ontploffen gaat de snelheid omhoog en ineens zijn we bij de finish.

Ik heb nu al zin in de volgende les! Ik denk dat we gaan afdalen, want na twee minuten ben ik nog lang niet beneden..

Off Roadie

Geplaatst 4 nov. 2015 16:02 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:47 bijgewerkt ]

Vandaag doen we eens een rondje op de mountainbike. Oh pardon, ik bedoel natuurlijk All Terrain Bike, want hier in Nederland hebben we geen bergen, alleen een hoop terrein. Al mag je niet op al dat terrein rijden, dus misschien zou een Terrain Bike eigenlijk een betere naam zijn. Aan de andere kant is een berg ook terrein en aangezien een All Terrain Bike op All Terrain rijdt is ie dus automatisch ook een mountainbike. Wat de f%#}, wat is dat ding eigenlijk een schizofreen apparaat. 

Goed! vandaag doen we eens niet een rondje op de racefiets, maar op een fiets die ook op paden rijdt die niet van asfalt zijn. Zoek zelf maar uit hoe dat ding heet.

Eigenlijk ben ik niet zo heel erg van het rijden op die fiets. De racefiets spreekt me wat meer aan, want je rijdt makkelijker lange afstanden, de snelheid ligt wat hoger en je komt niet thuis met de look van een mijnwerker. Al is het stiekem wel leuk werk hoor. Beetje door plassen raggen, slippen door de blubber, heuveltje op, heuveltje af en tegelijk kijken of je degene die achter je fietst een bruine tint kan geven alsof ie een verstopte wc te lijf is gegaan met twintig liter cola en een grootverpakking Mentos. 

Het fietsen zelf op dat ding is dus wel tof. Maar als je dan vervolgens thuiskomt dan begint de ellende. Eerst ben je drie kwartier bezig om je fiets terug te vinden in die composthoop die ineens voor je deur staat. En daarna moet je je camouflagekleding weer terug zien te veranderen in normale fietskleding voor je de rest van de wastaak overlaat aan de wasmachine. 

De kleding zo in de wasmachine kieperen, zou namelijk de doodsteek betekenen voor het arme apparaat. Knarsend en piepend zou die tot stilstand komen, waarbij de omgeving van de wasmachine een treffende gelijkenis zou hebben met een oase in de gobiwoestijn. In gedachten zie ik mijn blauwe vingers alweer modderige fietskleding masseren in een emmertje bruin ijswater...

Maar goed, laten we nu eerst maar een rondje doen, dan zien we de schade later wel weer. De banden op een barretje of drie. Niet te hard en niet te zacht, want je wilt op de verharde weg nog wel vooruitkomen, maar tegelijk ook niet vastlopen in mul zand. Echt, er zijn wetenschappers gepromoveerd op de edele kunst van het fietsbanden pompen. Na de bandenwetenschap nog even kijken of de verende voorvork niet is vastgelopen en of het versnellingsapparaat nog uhm.. versnelt en dan kunnen we eindelijk echt op pad.

P*tverd*mme, wat fietst dat ding zwaar zeg. Dat was ik even 'vergeten'. Waar je met de racefiets zoevend over het asfalt met gemak 35 kilometer per uur eruit trapt, rij je nu ineens zoemend en met het zweet op de rug nog maar 25..  Maar daar staat dan wel weer tegenover dat zelfs de meest onbeschofte klinkerweg verandert in een vers gelegd asfaltlakentje. 

Als route hebben we voor vandaag een 'wennen aan de ...fiets/...bike' route gepakt. Ongeveer 50/50 verhard en onverhard, waarbij we de moeilijkheidsgraad langzaam wat opvoeren. In het begin zitten wat schelpenpaden, maar tegen het eind mag je je soepele stuurskills van stal halen in het mulle zand van Bakkeveen (die bak veen heb ik trouwens niet gezien. Is volgens mij vroeger allang verdwenen in de open haard). 

Maar op de offroad stukken kwam er plotseling een nieuw voordeeltje naar boven: wat kunnen die offroad paden toch mooi zijn. Prachtige uitzichten en ondertussen ook nog mooi stuurwerk door zand en over boomstronken. Helemaal vergeten! 



Volgende week misschien nog maar een keertje op die fiets. Compost is tenslotte goed voor je tuin, toch?



Vage hobby

Geplaatst 13 okt. 2015 12:51 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:49 bijgewerkt ]

Weet je, soms heb je van die plannen.. Met een paar van mijn medeGrinta's hadden we besloten om een lekker rondje te fietsen. Even op en neer naar Raalte.

Raalte of all places? Wat moet je daar nu weer?! Ja nou ja, het moest niet echt direct naast de deur liggen en daar was nou eenmaal nog plek in het hotel. Je moet toch wat, he. En zoals wel vaker gezegd: de reis er naar toe is belangrijker dan de bestemming. We hadden ook naar Coevorden kunnen gaan, of Ermelo, of Termunterzijl, maar Raalte it is. Wat uiteindelijk windtechnisch (best belangrijk op de fiets) nog aardig uitpakte.

Raalte dus. Hoe kom je daar eigenlijk? Eerst de kaart er maar eens bij. Hemelsbreed zo'n 100 kilometer van Drachten. Maar dan fiets je gewoon rechtdoor en dat is saai. Er moeten wel wat bochten in natuurlijk. 

Ja ik heb 't. Laten we via Hardenberg naar Raalte fietsen. Da's maar de helft verder dan nodig is en dan hebben we tenminste ook wat te sturen. Beetje door 't bos in Drenthe, bietje deur 't Twentse achterland.. Ja, dat wordt wel wat.

Terug wil je natuurlijk niet over dezelfde route. Dat heb je tenslotte allemaal al gezien. Dus laten we op zondag terugfietsen over Urk. Verder naar het westen gaat niet, want dan fietsen we het Ijsselmeer in. Is niet zo goed voor je fiets en ik heb m'n zwembroek ook niet mee.

Als je nu denkt: 'Huh? Wat een vage route', dat klopt. Die route slaat helemaal nergens op. Maar zo is de reis in elk geval wel belangrijker dan de bestemming en ach, uiteindelijk leiden alle wegen toch naar Drachten.

De heenroute gaat lekker. Windkracht 1 á 2 tegen en ff een broodje doen in Dwingeloo. Dan door naar Hardenberg en vanaf daar gassen we in één keer door naar het hotel. Had ik eigenlijk al gezegd dat we ook wat onverharde paden hebben? Nou ja, doet er ook niet toe. Ik kan wel zeggen dat je na 150 kilometer ook wel zat bent van windkracht 1, dus het hotel komt uiteindelijk geen meter te vroeg. 



't is een soort cowboy hotel met koeien op de vloer (sorry, geen foto's), wat natuurlijk wel toepasselijk is voor ons als stalen ros berijders, maar je moet wel uitkijken dat je in het donker niet languit op je plaat gaat over dat koeientapijtje. 

Dag 2 is Urk-day. Wekker aan (HALF NEGEN! OP ZONDAG!  pfff gekkenwerk) en als ik met de mist nog in mijn hoofd naar buiten kijk zie ik niks. Hmmm... Raam open helpt niet. Raam dicht ook niet. Ff checken of ik zelf nog wel wat zie.. Ja, de hotelkamer is er nog. Het zou nu licht moeten zijn, maar toch zie ik niks... Dan moet het buiten wel net zo mistig zijn als het nu nog in mijn hoofd is. 

En dat klopt. Het is zo mistig dat de ontbijtzaal zoeken zo'n beetje op de tast gaat. Eerst de koe voorzichtig ontwijken en dan op de geur van verse croissants en koffie navigeren naar het ontbijt.

Jammer genoeg biedt het ontbijt geen soelaas tegen de mist. Het is nu bijna half elf en we moeten toch echt weg om nog zeker voor het donker terug te zijn. 

Voorzichtig rollen we door de soep naar Wijhe waar de weg ineens ophoudt. Blijkt daar een rivier te liggen. Maar gelukkig is er een pontje naar de overkant. Ineens komt ie uit de mist opdoemen. Hoewel de prijsstructuur van de pont net zo mistig als de buitenlucht, komen we toch zonder kleerscheuren aan de overkant. 

Zo rond twaalven begint de mist op te trekken en zien we eindelijk waar we zijn. Hattem. Leuk plaatsje, maar wij gaan nu door naar Kampen. Vanaf Kampen pakken we de Ramspolbrug (dat is die opblaasbrug) en is het weer tijd voor een broodje. Of twee.

De Polder is op zich vrij saai qua gebied (je kunt er alleen rechtdoor of de hoek om), dus die proberen we zoveel mogelijk te vermijden. Zelfs zoveel dat als je vijf meter verder naar links fietst, de polder ophoudt. 

We passeren Urk (rustig plaatsje. Ze hebben daar trouwens offroadscooters). Van Urk naar Lemmer. Friesland is weer in zicht en da's maar goed ook, want dat zadel voelt niet zo heel zacht meer. In Echtenerbrug is de achterband van Klaas er klaar mee. En omdat ie ze toch zo snel wisselt doet ie 't gelijk maar twee keer. 

Nog een klein stukje nu. Heerenveen (zadelpijn) , Gorredijk (ZadelPijn), Beetsterzwaag (ZADELPIJN) en weer thuis! 307 kilometer in één weekend.

Ja, 't is een vage hobby dat fietsen. Maar stiekem wel leuk!



Etenzwaar

Geplaatst 5 okt. 2015 15:49 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:43 bijgewerkt ]

Heb jij wel eens een voetballer twee bananen, twee koekrepen, drie gels en voor de zekerheid nog een rolletje druivensuiker in zijn shirt zien proppen? En vlak voor vertrek nog gauw even twee broodjes met jam naar binnen zien werken? Ik ook niet, maar als je voetbalt, dan doet het er allemaal ook niet zo veel toe. 90 minuten een beetje heen en weer tuffen over zo'n voetbalveld en tussendoor mag je ook nog een kwartiertje naar de kantine voor een bamibal. 

Als je nou kilometers gaat vreten zoals wij, dan wordt het een ander verhaal. Want je kunt die kilometers wel gaan vreten, maar een volle maag krijg je er niet van. En op een lege maag fietst het beroerd. Voor je het weet staat de man met de hamer om de hoek en dat wil je echt niet. Zelf ben ik 'm ook ooit wel eens tegengekomen. Ineens is het raak. Zo uit het niets mept ie je met een grote dreun van je fiets. De tank is leeg, de batterij is op. De hongerklop is een feit en piepend en krakend kom je tot stilstand.

Ik had destijds de mazzel dat ik op de laatste benzinedampen nog een camping op kon rollen. Na twee Magnums (ze waren de locale ijsspecialist daar) kwam ik weer een beetje tot positieven. Precies genoeg voor de laatste twintig kilometer.

Zoiets overkomt je precies één keer. Vanaf dat moment vertrek je nooit meer op de fiets, zonder op z'n minst een koekreep en een 'noodgelletje'. Is allemaal onderdeel van het standaardpakket wat je in die uiterst rekbare zakjes van je fietsshirt weet te proppen. En als je onderweg de kans krijgt om wat te eten, dan laat je die kans natuurlijk niet liggen. Dat is altijd goed te zien bij de bevoorradingspunten van grote toertochten, waar de deelnemers als uitgehongerde hyena's om de tafels met eten hangen. 

Profs gaan nog een slagje verder. Zij worden voor de start van een koersetappe letterlijk tot de rand afgetankt. Wat zij naar binnen moeten werken is nauwelijks vatbaar voor een normaal mens. Twee uur voor de race zitten ze aan een Bourgondisch maal waar het regiment van Napoleon de slag bij Waterloo op gewonnen had. En een kwartiertje voor de start, worden de verloren calorieën sinds de maaltijd 'nog even aangevuld'. Al boerend staan ze een beetje misselijk aan de start van de race. Die misselijkheid fietsen ze er na een kwartiertje wel weer uit.

Bij Grinta staan we liever niet misselijk en boerend aan de start. Nou ja, dat boeren is nog wel te doen, maar misselijk.. Nee, dat niet. Wij beginnen de rit liever met een bakkie koffie en een licht ontbijtje. Kun je tenminste een beetje rustig opstarten zo op die vroege zondagochtend en ben je nét scherp genoeg om de wielen tussen die witte strepen te houden. Maar met een licht ontbijtje in de maag, ligt die smerige hongerklop nog wel in een hinderlaag. 

Koolhydraten en (hele) snelle suikers, dat hebben ook Grinta's nodig om te presteren! En het liefst veel, want die hamerman moet je genadeloos neerkloppen. Maar om dat gevecht te winnen, moet de maag net zo hard getraind worden als de benen. Daarom hebben we sinds vorige week een nieuw type training in het assortiment om de Grinta's goed voorbereid dit gevecht aan te laten gaan: De koffietocht. 

De koffietocht is een bloktraining die is opgezet uit drie blokken:
  • Blok 1: Fietsen naar een terras. Bij voorkeur op een locatie met een goed uitzicht en een grote voorraad. Tijdens het fietsen moet alvast begonnen worden met het opwarmen van de kaakspieren. Omdat de kaakspieren goed opgewarmd moeten zijn, zoek je een lange omweg richting het terras. 
  • Blok 2: Het moment dat de echte trainingsarbeid verricht moet worden. De taak: Het verorberen van een stuk appelgebak van tenminste 500 kilocalorieën. De gevorderde fietser gaat voor de extra zware training met een stevige dot slagroom. Het is toegestaan en aanbevolen om het gebak weg te spoelen met verse koffie, zodat ook de vochthuishouding op peil blijft.
  • Blok 3: Terugfietsen naar huis. Tijdens het fietsen moet de energie van het zojuist verschalkte gebak zo efficiënt mogelijk verbruikt worden. Ook nu bij voorkeur met een omweg terug naar huis, want voor de kaakspieren is een goede coolingdown ook van belang. 
Tja, het zijn zware trainingen, maar ze moeten soms gebeuren. Want die man met de hamer, die wil je niet tegenkomen. 



De pukkels in de Vogezen

Geplaatst 1 sep. 2015 15:12 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:42 bijgewerkt ]

In de Franse Vogezen, daar kun je toch echt mooi fietsen hoor. Mits het weer meezit natuurlijk, want het kan er best spoken. Maar als je mazzel hebt dan is het lekker weer en dan is het een perfect gebied om je een beetje uit te leven. 

En die mazzel had ik in mijn vakantie. Zonnig, een graadje of tweeëntwintig en niet te veel wind. Grand ballon, col de grosse Pierre en nog wat andere cols binnen handbereik. Ideale omstandigheden om wat pukkels te overwinnen in de Vogezen. 

Want man, met zo'n pukkel op d'n kadet wordt een fietstochtje wel afzien hoor. Het begon al op de eerste dag na een kilometer of twintig. Zo'n onbestemd gevoel in het achterwerk wat niet veel goeds belooft. Zo'n paranormale ingave die je laat weten dat er meer tussen zitvlak en zadel bestaat. Een kont Ventoux van de eerste orde.

Kortom: je zit niet zo lekker. Maar net begonnen aan je mooie fietsvakantie waar je al weken naar hebt zitten uitkijken, dan laat je je pret natuurlijk niet bederven door een bultje op de billen.

Toch, na zo'n 180 kilometer (het begin van de derde dag), dan weet je echt haast niet meer hoe je moet zitten. Al heen en weer schuivend (maar ook weer niet te veel) zoek je de positie waarin je het minst last hebt van de plaats des onheils. Links? Nee, dat is het niet. Rechts? NEE! DAT IS HET HELEMAAL NIET! In het midden dan? Ach weet je wat, ik ga wel even staan. Aaaaah, dat is beter...

Voor even dan, want op het moment dat je gaat staan weet je dat je uiteindelijk ook weer moet gaan zitten. Pijn is fijn (aldus een bepaalde trainer), maar de ene pijn is wat minder fijn dan de andere, dus het moment van hernieuwd zadelcontact probeer je zo lang mogelijk uit te stellen. Maar toch komt dat moment onvermijdelijk dichterbij. Voorzichtig daal je weer neer op het zadel in de hoop dat het nu allemaal wat beter voelt. 

Ijdele hoop. Soms zijn de kleinste pukkels het zwaarst om te overwinnen.







Voor paal liggen

Geplaatst 11 aug. 2015 13:41 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:49 bijgewerkt ]

'Paaltjuh!' Een bekende kreet in de fietsgroep en als je dat hoort moet je altijd de ogen even extra spitsen, want in de komende honderd meter staat er links, rechts, of in het midden een paaltje om te ontwijken. Of op alle drie de plekken. Al roepen we dan meestal 'Paaltjuhs!', maar die laatste 's' verwaait vaak in de wind. 

Het ontwijken zul je echt zelf moeten doen, want ze gaan geen centimeter aan de kant als je eraan komt. Hun goed recht natuurlijk, want ze hebben een taak: als 21e eeuwse poortwachters auto's tegenhouden die denken een mooie sluiproute te hebben gevonden. En ze nemen hun taak serieus, want ze zijn bereid om hun leven te geven om die auto's tegen te houden. Fietsers mogen er wel langs. Strak in het gelid blijven de wachters staan als je er langs zoeft. Altijd beducht op de auto die plotseling op kan doemen.

Maar toch, die paaltjes.. Ze bedoelen het goed hoor, maar ze zijn wel onverbiddelijk. Als je ze niet respecteert, dan kom je dat op de harde manier te weten: met de tanden op het asfalt.

In de twee ritten die ik afgelopen weekend heb gefietst heb ik twee fietsers gezien die op een paaltje geklapt waren. De een moest afgevoerd worden door een ambulance, de ander reed na wat aandringen met een gezicht vol bloed toch zelf nog maar even langs de dokterswacht. En nee, dat waren niet alleen maar van die idiote wielrenners die met oogkleppen op over het fietspad blazen. Ook fietsers op leeftijd die even een rondje wilden uitwaaien op hun e-bike, zijn het slachtoffer geworden van overijverige paaltjes.

Die paaltjes, daar moeten ze paal en perk aan stellen.

Het weerwoord

Geplaatst 25 jul. 2015 15:41 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:46 bijgewerkt ]

Het is de vrijdagavond voor de Pieter Weening Classic. Voor morgen staat er een in principe prachtige rit van zo'n 100 kilometer op het programma. Alleen.. De voorspellingen voor de zaterdag zijn de hele week al slecht. Toch nog maar eens kijken. .

De weerapp schreeuwt me toe. 'Doe Het Niet! Ga Niet Naar Buiten, Het Kost Je Je Leven! Of Tenminste Een Been! En Je Zult Verdrinken! Ik weet het zeker, wel negenennegentig procent! Da's heel zeker hoor!' 

Gij zult een schokkend einde ondervinden


Nou ja, als de weerapp het zo zeker weet, wat moet je dan he. Dus de Pieter Weening Classic maar afblazen. En ach, een keertje uitslapen op de zaterdag is ook wel lekker, dus zo erg is het ook niet.

De volgende ochtend word ik badend in het zonlicht wakker van het geluid van vrolijk kwetterende vogeltjes. Euh? Dat was niet de afspraak? De weerapp er nog een keer bij. 'Doe Het Niet! Ga Niet Naar Buiten! Hel En Verdoemenis Zal Binnen Een Uur Over U Komen! Ik weet het zeker, wel negenennegentig procent! Da's heel zeker hoor!'

Maar een uur later word ik door het raam vierkant uitgelachen door die vrolijk kwetterende vogeltjes die inmiddels al zo bruin zijn geworden dat ik twijfel of het van de zon komt, of dat ze hebben liggen braden op een barbecue.

Potverrrr... Het is weer eens zo ver. Onze hooggeleerde weerwichelaars hebben het weer van de postzegel die Nederland heet, en dan specifiek het Friese stuk weer eens faliekant fout voorspeld. We hadden prima de Pieter Weening kunnen fietsen.

Inmiddels is het tien uur. De telefoon gaat. De Broer aan de lijn. Broer staat ook in de baalstand, maar is er achter gekomen dat er ook een 60 kilometer variant is waarbij je tot 12 uur kunt starten. Wantrouwig wordt er nog eens naar de weerapp gekeken.

'Doe Het Niet! De Dag Des Oordeels Is Nabij!'. Nou ja, je snapt het verder wel. We slaan het dringende advies finaal in de wind (haha, woordgrapje) en brengen pijlsnel de fietsen in stelling om toch nog de verkorte Pieter Weening eruit te knijpen.

Met gezwinde spoed rijden we naar Surhuisterveen om te starten. Bij de start worden we opgevangen:

'Ah, lekker gefietst vanuit Wolvega? (Andere startplaats van de PWC, red.)'
'Ehm nee, we willen graag nog starten.' 

Een licht verbaasde blik volgt:
'Oh.. Dat kan ook natuurlijk.. Schrijf je dan maar gauw in.'

Toch licht ongerust over het weer rossen we de 60 kilometer er vrij vlot doorheen. Geen tijd voor poespas, want we moeten weer terug zijn voor de aarde onder ons opensplijt.

De eerste druppels vielen om tien voor vijf.

Grinta Column: Tour de Fans

Geplaatst 15 jul. 2015 13:52 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:45 bijgewerkt ]

Ik weet niet of het jullie ook opgevallen is op ‘s Heeren wegen, maar het lijkt wel of het aantal racefietsers is verdubbeld de afgelopen maand. Net of iemand ergens een roestig slot van een ouwe schuur af heeft geknipt en een lading fietsers heeft vrijgelaten. ‘Zo jongens, jullie zijn vrij! Rij de wijde wereld in en geniet ervan!’


En dus zie je nu ineens overal mensen fietsen met een grote grijns op hun gezicht. Met een vaal raboshirtje aan op een licht stoffige stalen Batavus voorzien van buiscommandeurs, trappen ze op een bijzonder respectabel verzet zich een weg over de Friese klinkerwegen. Of staan ze voor het stoplicht te stuntelen met de klikpedalen van hun iets te grote aluminium racebolide (met carbon voorvork). Hopend dat niemand hun gestuntel heeft gezien natuurlijk, want ze lijken verder echte profs in dat setje Sky teamkleding wat ze voor een zacht prijsje bij de fiets kregen.


Het kan komen door het mooie weer van de laatste dagen, maar ik denk eigenlijk dat de start van de Tour de France in Utrecht hier iets mee te maken heeft. De Tour de France maakt toch altijd iets extra’s bij mensen los en nu de Tour dit jaar in Utrecht start lijkt dit helemaal het geval te zijn. Utrecht houdt rekening met 800.000 (acht-honderd-duizend!!!) bezoekers tijdens de Tour start. Probeer dat maar eens in een trein te proppen. Zojuist zag ik nog een filmpje van de ploegenpresentatie en het aantal toeschouwers is werkelijk immens. En de wereldtop aan het werk zien zorgt blijkbaar voor de nodige inspiratie. ‘Dat fietsen lijkt me wel wat, dat ga ik ook doen!’


Maar ik denk ook dat als je drie maanden verder bent, laten we zeggen zo rond oktober, dat vele door de Tour geinspireerde fietsers gedesillusioneerd weer afhaken. ‘Waait toch wel hard hoor en die regen vind ik eigenlijk ook maar niks’.


Ik denk dat wij als Grinta’s moeten proberen te voorkomen dat deze eenzame medefietsers weer worden opgesloten in die ouwe schuur, als de Tour de France straks weer een vage herinnering is geworden. Het zaadje is nu namelijk geplaatst bij deze mensen, maar om onze prachtige hobby bij hen tot bloei te laten komen hebben ze soms een zetje nodig. Dus misschien zouden we - in plaats van vol gas Grinta Style - er omheen te blazen, eens naast hun moeten gaan fietsen. Luisteren hoe ze begonnen zijn en misschien zelfs een beetje helpen. Een klein zetje kan zoveel doen om een nieuw iemand ook te laten genieten van onze hobby (obsessie?)


Want wat nu misschien een stuntelige beginner is, kan straks een fietsmaatje zijn. Of die ene wielrenner die je maar met moeite kunt verslaan op Strava.


En dan kan ie maar beter bij Grinta fietsen.


(Oorspronkelijk geplaatst in Tandje erbij 3, 2015 van Grinta Cyclesport)


Quantified Siep

Geplaatst 12 jul. 2015 10:18 door Siep de Vries   [ 15 mrt. 2016 15:48 bijgewerkt ]

Fietsers die statistieken van hun fietsavonturen bijhouden, dat is net zo oud als het fietspad naar Rome. Hele volksstammen schrijven trouw na hun fietsrit de datum en kilometerstand van hun kilometerteller over in een zakboekje, zodat ze precies weten hoeveel kilometer ze per jaar gefietst hebben en wanneer ze dat precies gedaan hebben.


Tegenwoordig doe je dat natuurlijk digitaal. Met smartphones en apps als Strava, Cyclemeter, Endomondo en tientallen andere klonen, gaat dat hartstikke makkelijk en hoef je eigenlijk niet veel meer te doen dan de app te starten en op ‘Go’ te drukken. De rest gaat helemaal automagisch!


Ik ben ook zo’n statistiek mafkees. Waarschijnlijk niet zo vreemd als je weet dat ik in de IT werk. En veel IT-ers zijn nou eenmaal gek op data. Een van die (mogelijk vele) beroepsticjes waar IT-ers schuldig aan zijn. Dit data verzamelen heeft mij zelfs een bijnaam opgeleverd in mijn fietsploegje en ach, als je een keer zo’n bijnaam hebt, dan kun je ‘m ook maar beter waar maken, niet? Want, medailles en stempels, da’s allemaal leuk hoor. Maar een rit blijft voor mij nep, tot ik er een track van heb.


Zoals ik hierboven al aangaf kun je een Smartphone gebruiken om je gegevens te verzamelen, maar zelf gebruik ik Garmin GPS fietscomputers. Deze zijn weer- en schokbestendig, hebben een lange accuduur en omdat ze op je stuur gemonteerd zitten is over het algemeen de GPS ontvangst ook wat stabieler dan een telefoon. Verder kunnen ze ‘praten’ met een hele reeks aan externe sensoren die je op je fiets kunt bouwen. Fietsdata heb ik vanaf 2007, dus je zou kunnen zeggen dat ik al aan ‘quantified self’  deed (qua fiets dan), voordat de term bestond.


Maar ja, allemaal leuk hoor die data binnenharken, maar kun je er nu ook wat mee dan? Heb je het echt nodig bij het fietsen?


Nee, nodig heb je het niet. Het enige wat je echt nodig hebt om te kunnen fietsen, is namelijk een fiets. Maar het kan het fietsen wel extra leuk maken. Vind ik dan. Als je namelijk je data eenmaal verzamelt, dan kun je er heel veel dingen mee doen. Natuurlijk kun je de data voor de bekende dingen gebruiken, zoals het volgen van je vorderingen, jezelf vergelijken met anderen en kijken of je progressie maakt. Maar daar wil ik het nu niet over hebben. Er is genoeg op internet te vinden hoe je dat kunt doen met een fietscomputer of smartphone, een hartslagmeter en als je diepe zakken (zonder gat) hebt, een vermogensmeter.


Ik wil hier graag wat andere dingen laten zien die je met je gegevens kunt doen, dan simpelweg het bekijken van je laatste rit. Sommige zijn wat simpeler en andere zijn wat minder voor de hand liggend.


Een van de meest basale statistieken waar ik vaak naar kijk, is het vergelijken van de kilometerstand per jaar met de voorgaande jaren, want op de een of andere manier is het toch altijd een soort wedstrijd met jezelf om binnen de beschikbare tijd die je voor fietsen hebt, meer kilometers te maken dan het voorgaande jaar. Zoals je kunt zien, wordt het dit jaar een spannende race..


Tussen November en Maart heb ik blijkbaar andere hobby’s



Je kunt in de gaten houden of je wel op souplesse fietst en of dat over de tijd verandert. En wat hier ook zichtbaar wordt, is welke afstanden over het algemeen gesproken onder de wielen doorgaan:



De knieen zijn zo te zien nog wel soepel



Mocht je zat zijn van het fietsen, dan kun je ook voor amateur meteoroloog spelen en kijken of de klimaat verandering echt al is ingetreden. Wel even in je achterhoofd houden of je wellicht ritten in het buitenland hebt gedaan, anders zou je nog valse claims kunnen doen.


Bruine fietsbenen lieten lang op zich wachten in 2015



Videobeelden uit een actiecamera kunnen opgeleukt worden met een overlay die gegevens als snelheid, hoogte en temperatuur bevat:


't blijft trappen om boven te komen



Maar dit vind ik toch wel een van de coolste plaatjes die je uit je fietsdata kunt halen:



‘t is net kunst


Het bovenstaande plaatje is een heat map van Friesland van de afgelopen acht jaar. Het laat zien waar ik heb gefietst en hoe vaak ik daar gereden heb. En naast dat het een cool plaatje is, kun je er best veel informatie uit halen. Zo wordt het duidelijk steeds moeilijker om in de directe omgeving paden te vinden waar ik nog niet gefietst heb. Ook kun je een een aantal rondjes herkennen die ik rij als ik een ritje op de automatische piloot doe. En als je weet dat vrijwel alle fietstochten die ik gedaan heb, tegen de wind in beginnen en met wind mee eindigen, dan kun je zelfs in het plaatje zien uit welke richting de wind in Friesland het minst vaak waait. Nee, die Friezen waaien niet met alle winden mee.


Maar uiteindelijk gaat het mij niet zozeer om de analyse. Wat ik zelf vooral leuk vind aan het verzamelen van al deze gegevens, is dat een track voor mij een herinnering aan een mooie rit is, net zoals een foto een herinnering aan een mooi moment kan zijn.

1-10 of 27